Berichten aan John Leary in Rochester NY, VS

zondag 14 maart 2010

Zondag 14 maart 2010

(Gelijknis van de Verloren Zoon)

Jezus zei: “Mijn volk, de Farizeeën en Schriftgeleerden kritiseerden Mij omdat Ik met zondaars at en dronk. In een ander gedeelte zeide ik tegen de Farizeeën: (Matt. 9:12) ‘Het zijn niet de gezonden die een arts nodig hebben, maar zij die ziek zijn.’ In het vandaagse evangelie over de Verloren Zoon (Lucas 15:11-32) vergelijkde ik ook de Farizeeën met de tweede zoon die niet hoefde gevonden te worden. Dit was de zoon die weigerde binnen te gaan om het terugkeer van zijn broer te vieren. De Farizeeën weigerden eveneens in Mij te geloven dat Ik Gods Zoon was, en zij weigerden ook Mij te volgen. De eerste zoon, die het geld van zijn vader doorbracht in zondige levenswijze, is gelijk aan alle zondaars die ik uitnodig tot bekeerling, zodat ze met Mij gevonden kunnen worden in mijn vergeving op mijn feestmaal in de hemel. Het beeld van de vader die snel naar buiten rent om zijn verloren zoon te ontvangen stelt voor hoe ik en het hele heerlijkheid juichen over de bekering van zelfs één zondaar. De laatste zin van dit gelijknis nodigt hen uit die trouw waren met hen die teruggekeerd zijn bij Mij vanuit hun zondige leven. (Lucas 15:32) ‘Zoon, gij zijt altijd bij mij en al wat mijn is, dat is uws; maar wij moesten vieren en juichen want deze uw broer was dood en leeft nu weer, hij was verloren en is gevonden.’”

Bron: ➥ www.johnleary.com

De tekst op deze website is automatisch vertaald. Sorry voor eventuele fouten, check de Engelse vertaling.